BIM-maturity Sectoranalyse

In mei 2014 is de Universiteit Twente, in opdracht van de BIR en de NEVI, gestart met een tweejarig onderzoek naar de BIM-maturity in de Nederlandse bouw- en GWW-sector. Als eerste onderdeel van het onderzoek is onder vijftig bedrijven een sectoranalyse uitgevoerd. De resultaten hiervan zijn gebundeld in een rapportage, die u hier kunt downloaden.

Tweejarig onderzoek naar landelijke BIM-maturity

De BIR stimuleert partijen in de bouw om zich verder te bekwamen in het gebruik van BIM en zo door te groeien naar een hoger level. Om een inschatting te kunnen maken van het level waarop momenteel wordt gewerkt, laten de BIR en de NEVI een tweejarig BIM-maturity onderzoek uitvoeren door Universiteit Twente, die hiervoor een PDEng (Professional Doctorate in Engineering) trainee heeft aangesteld. Het onderzoek is gestart in mei 2014. In het najaar van 2014 is door middel van interviews de eerste sectoranalyse afgerond. Deze werd uitgevoerd op basis van een speciaal ontwikkeld BIM-maturity model.

Deelsectoren onder de loep 

Verspreid over de deelsectoren (opdrachtgevers en eigenaren, architectenbureaus, ingenieursbureaus, installatiebedrijven, bouwbedrijven B&U, bouwbedrijven GWW, toeleveranciers) zijn ruim vijftig organisaties, voornamelijk koplopers, geïnterviewd. Door dit beperkte aantal interviews kunnen de resultaten niet als doorsnede van de gehele bouw- en GWW-sector worden beschouwd. Wel geven ze een gedetailleerder beeld dan met het afnemen van enquêtes mogelijk was geweest. Ook kunnen de resultaten de BIR helpen om het BIM-gebruik in de bouw- en GWW-sector verder te bevorderen.

BIM-maturity en best practices 

Het ontwikkelde BIM-maturity model is gebruikt om de volwassenheid van diverse BIM-criteria (zoals visie, doelstellingen, persoonlijke motivatie & bereidheid te veranderen en software/hardware) vast te stellen in deelsectoren van de bouw- en GWW-sector. Daarnaast is inzicht verkregen in BIM-best practices, bestaande uit:

  • Toepassingsgebieden, oftewel: manieren waarop BIM in de praktijk gebruikt kan worden, zoals visualisatie van oplossingen door middel van het 3D-bouwmodel of het genereren van hoeveelheden uit het bouwmodel;
  • Implementatievolgorde van de BIM-toepassingsgebieden, waarmee inzicht wordt verkregen in het BIM-implementatieproces dat een organisatie heeft doorgemaakt;
  • Drijfveren die de toepassing van BIM binnen een organisatie stimuleren, zoals het vergroten van efficiëntie van processen of het verminderen van faalkosten;
  • Barrières die de toepassing van BIM binnen een organisatie belemmeren, zoals het ontbreken van goed ontwikkelde standaarden voor informatie-uitwisseling of een gebrek aan motivatie binnen de organisatie om de transitie naar BIM door te voeren.

Bij deze resultaten moet benadrukt worden dat een organisatie niet per definitie op alle criteria de hoogste maturity score hoeft te behalen om binnen een project met BIM te kunnen (samen)werken. Een maturity score geeft wel weer op welk aspect een organisatie nog kan groeien. 

Vervolgonderzoek: online enquête

In aanvulling op de eerder uitgevoerde sectoranalyse uit 2014, werd begin 2016 een online enquête afgenomen onder 105 organisaties. Het doel was om een beter beeld te vormen van de verschillen en overeenkomsten tussen deelsectoren wat betreft BIM-maturity. De onderzochte organisaties zijn verdeeld over de verschillende deelsectoren: opdrachtgevers en eigenaren, architecten, ingenieurs, bouwbedrijven B&U, bouwbedrijven GWW, installatiebedrijven en toeleveranciers/producenten.

Om de BIM-maturity van partijen in te schalen, is gebruik gemaakt van een BIM-maturity model dat door de Universiteit Twente is ontwikkeld. Daarnaast werd inzicht verkregen in barrières die het gebruik en de ontwikkeling van BIM belemmeren en gaven respondenten hun mening over de relevantie van voorgelegde toekomstvisies. Op basis van de uitkomsten van de enquête kunnen prioriteiten worden afgeleid om de BIM-maturity in specifieke deelsectoren of de bouw in het algemeen te bevorderen.

Bouw Informatie Raad